img-11-new.jpg
020 567 30 90 Onbezorgde mobiliteit 24/7 Contact

DEEL DEZE PAGINA

FacebookTwitterGoogle+EmailPrint

Bright column: Kijken, kijken en óók aanraken…

Steeds meer functies van auto’s (navigatie, audio-/airco-instellingen, rijmodi en rij-assistenten) moeten via een scherm worden opgezocht en bediend. En de instelmogelijkheden zijn veelal schier oneindig. Is dat handig? Voor de generatie die al swipend & scrollend is opgegroeid en die intuïtief de weg weet te vinden in complexe menustructuren (helaas niet op het wegennet…) is dat wellicht het geval. Maar inmiddels hebben diverse wetenschappelijke onderzoeken aangetoond dat er zo langzamerhand dermate veel (via een touchscreen én met knoppen aan het stuur) te bedienen valt in een moderne auto, dat bestuurders er in ernstige mate door worden afgeleid. Daarnaast is er nauwelijks sprake van enige uniformiteit, waardoor iemand die in een ‘vreemde’ auto stapt, diverse veelgebruikte functies bepaald niet blindelings zal kunnen vinden.

Okay, vroeger was je regelmatig in een bakje in de middenconsole aan het rommelen om dat cassettebandje van ‘Sister Sledge’ te vinden en dan had je de aandacht ook (helemaal) niet bij het verkeer. Maar er zijn onmiskenbaar heel veel bronnen van afleiding bijgekomen. Jasper van Kuijk doceert industrieel ontwerpen aan de TU Delft en hij vindt touchscreens met diverse menu’s eigenlijk de minst geschikte ‘interface’ om een auto mee te bedienen. Fysieke bediening (met fijne, qua haptonomie verantwoorde knopjes dus!) is beter, omdat mensen dan bedieningsacties vanuit hun spiergeheugen kunnen doen. Dat heeft twee voordelen: de ogen blijven op de weg gericht en het geeft een geringere cognitieve belasting. Hoe belangrijk dat is moge blijken uit het feit dat er bij 70 procent van de ongelukken waar een auto bij is betrokken, sprake was van afleiding. In dit kader noem ik graag een typisch voorbeeld van een fabrikant die volledig is doorgeschoten inzake touchscreen-bediening waar fysieke bediening vanuit het spiergeheugen véél makkelijker is: de instelling van ventilatieroosters in de Porsche Panamera. De enorme ‘flatscreens’ in een Tesla zijn sowieso absurd.

En dan is er nog het bredere (maatschappelijke) probleem van het appen, meer specifiek het appen (of appjes lezen) achter het stuur. Waarvoor de pakkans zeer gering schijnt te zijn en waarnaar de politie vooralsnog niet eens standaard een onderzoekje doet bij ongelukken. Ontkennen heeft geen zin; we doen het allemaal. En we denken ook allemaal dat het – af en toe – best (even) kan. Uit studies in de experimentele psychologie blijkt evenwel dat als je denkt slechts anderhalve seconde op je telefoon te hebben gekeken, je dat in werkelijkheid vele seconden lang deed. En daar komt nog een ander vervelend fenomeen bij: onverwachte/verrassende beloningen (berichtjes dus) zijn extra verslavend. Wat daarbij evenmin helpt, is dat we voornamelijk autorijden met het langetermijngeheugen, maar dat nieuwe meldingen een beroep doen op het werkgeheugen (met zeer beperkte capaciteit/kloksnelheid), waardoor de verwerking van overige informatie sterk wordt vertraagd.

Daarom hier in de categorie ‘fijne tips voor eenieder die er wat aan heeft’ (vrij naar Wim T. Schippers): stel ‘niet storen tijdens autorijden’ in op je iPhone…

 

 

hi